Clubmanager Jorge is al wekenlang onaanspreekbaar. De vitrinekast in het clubgebouw krijgt nog snel een lik vernis. De zenuwen zinderen door de club in afwachting van het nautische evenement van de eeuw...
Precies honderd jaar geleden richtten Duitse kolonisten Club de Yates Valdivia op. De oudste van heel Chili, fluistert men respectvol. Honderd jaar is in de Nieuwe Wereld tenslotte stokoud. Ter ere van deze mijlpaal organiseert onze kleine club de Wereldbeker Pirat. Deze zeilklasse komt van oudsher ook uit Duitsland. Het sloepgetuigde, vijf meter lange zeilbootje wordt gevaren door een tweepersoons bemanning.
Aangezien dit wereldkampioenschap nog niet bestaat, is het zweten geblazen voor Jorge om er een internationale competitie van te maken. Op de deelnemerslijst bespeur ik tussen de 35 Chileense vlaggetjes een Zwitsers, een Hongaars, een Oostenrijks en - hoe verrassend - een Turks. Er zijn Argentijnse J22 kampioenen van net over de grens uitgenodigd, die voor het eerst in een Pirat stappen. En natuurlijk kunnen de Duitsers niet ontbreken, die met maar liefst vijf boten goed zijn vertegenwoordigd.
In eerste instantie merken we nauwelijks dat het grootse sportfestijn van start is gegaan. De boten liggen in de dependance van de jachtclub bij de monding van de rivier. Deelnemers gaan op zee de strijd met elkaar aan. Druk met klussen durven we onze kostbare tijd haast niet te verspillen om even te gaan kijken. “We kunnen natuurlijk wel het nuttige met het aangename combineren,” peinst Bram. Om de mast te lijmen hebben we epoxy nodig. Moeilijk verkrijgbaar, maar toevallig huist er stroomafwaarts een catamaranbouwer die onze PET-flessen wil vullen. Recht naast het wedstrijdterrein.
Voldaan nestelen we ons onder een parasol. Aan het einde van de middag keert de vloot terug van de wedstrijdbaan. Als een eend met jongen slepen lokale kajuitzeilboten slierten deelnemers terug richting trailerhelling. Boten worden afgetuigd, de bemanning haalt een biertje. Er heerst een gemoedelijke sfeer. “De organisatie is geweldig!,” roemt een Oostenrijker uitbundig. Hij geniet ervan de Europese winter te zijn ontvlucht. “Thuis zijn ze al ingesneeuwd, wij varen hier heerlijk in de zon.”
De hoop van Chili, vader en zoon Rompeltien uit Viña del Mar, zeilen lang op kop. Op de laatste dag worden ze toch nog naar de tweede plaats verwezen. De rest van de top vijf is Duits. Zoals veel boten is ook de winnaar een familieteam. Frank Schönfeldt zeilt met zijn vrouw Sonny. Voor de meervoudig kampioen was het zijn eerste keer op de Pacifische Oceaan. “Maar het water is net zo koud als in Hamburg.” De Schönfeldts maken zichzelf onsterfelijk door hun technisch superieure boot aan de club te doneren.
Terug in onze eigen club barst het feest los. Er wordt een traditionele maaltijd in een kuil bereid, die tegen een uur of elf wordt opgegraven. Plaatselijke bierfabrikant Kunstmann sponsort een eindeloze stroom gerstenat. Een cruisersboot die net van zee binnenkomt, valt met zijn neus in de boter. De zes Polen zijn niet meer weg te slaan bij de porseleinen tap. “We moesten wel hard doorvaren in de Chileense scheren,” grappen de jongens stoer, “we hadden maar voor vier weken whiskyvoorraad.”
Na een bruisend weekend vind ik Jorge weer terug achter zijn bureau. Klassieke concerten luisterend via YouTube. “Alles weer lekker rustig,” verzucht hij. Volgende eeuw weer een Wereldbeker.




















